Dossier Bouwregels - categorie Model-bouwverordening

Gemeenten zijn op grond van artikel 8 van de Woningwet verplicht een bouwverordening te hebben. Deze baseren zij op de Model-bouwverordening die de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft opgesteld.

De voorschriften in de Model-bouwverordening hebben betrekking op het gebruik van bouwwerken, het tegengaan van bouwen op verontreinigde grond, het slopen, het uitvoeren van bouw- en sloopwerkzaamheden en de welstandscommissie.

Na de landelijke uniformering van technische bouwvoorschriften, voorschriften inzake indiening van vergunningaanvragen en van voorschriften over het brandveilig gebruik, zijn de resterende technische en procedurele voorschriften van de bouwverordening in de komende jaren aan de beurt om landelijk geregeld te worden.

 Ga direct naar de Model-bouwverordening

 Ga direct naar de jurisprudentie

 

Modernisering monumentenzorg en vergunningvrij bouwen

De vergunningplicht voor bouwactiviteiten in, op, aan of bij monumenten en in beschermd stads- en dorpsgezicht wordt versoepeld. Hierbij is aansluiting gezocht bij de bestaande bepalingen over vergunningvrije activiteiten in het Besluit omgevingsrecht (Bor). In dit artikel wordt – in antwoord op de vragen die de Helpdesk de afgelopen tijd heeft gekregen over de regels per 1 januari 2012 – ingegaan op de belangrijkste wijzigingen die van toepassing zijn op vergunningvrij bouwen.

Binnentreden van een woning

Op 15 december 2010 deed de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State uitspraak in een geschil. Dit geschil had betrekking op een besluit van de burgemeester van Rotterdam, waarbij twee inspecteurs van de dienst Stedenbouw en Volkshuisvesting werden gemachtigd om zonder toestemming van de bewoonster binnen te treden in haar woning. Er bestond op basis van de van buitenaf zichtbare gebreken aan de woning het vermoeden dat de woning niet voldeed aan het Bouwbesluit 2003 en de gemeentelijke bouwverordening. Bovendien had bewoonster steeds geweigerd medewerking te verlenen aan een inspectie van haar woning.

Verbouw van een autobedrijf tot studentenkamers

Op 6 oktober 2010 deed de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State uitspraak in een geschil. Dit geschil had betrekking op een besluit van burgemeester en wethouders van Groningen, waarbij vrijstelling op grond van artikel 19, eerste lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening en bouwvergunning werden verleend voor het veranderen van enkele panden ten behoeve van kamerverhuur. Het bouwplan voorzag in het veranderen van de uitbouw aan de achterzijde van de panden tot veertien kamers ten behoeve van verhuur. In elk van de kamers is een keuken en een toiletruimte voorzien. Verder voorziet het bouwplan in twee gemeenschappelijke doucheruimtes en een gemeenschappelijke ruimte met een wasmachine en droogmachine.

6 oktober 2010 - 201000473/1/H1 - BN9537 - ABRS

Parkeerbehoefte en redelijk alternatief.

Verplichting tot een niet-openbare bluswatervoorziening

Op 19 mei 2010 deed de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State uitspraak in een geschil over een door burgemeester en wethouders van de gemeente Breda verleende bouwvergunning tweede fase voor het bouwen van autoshowrooms met werkplaatsen op een perceel. De bouwaanvraag was echter in strijd met artikel 2.5.3, vijfde lid, van de gemeentelijke bouwverordening. Daarin is bepaald dat bij afwezigheid van een toereikende openbare bluswatervoorziening, zorg moet worden gedragen voor een doeltreffende niet-openbare bluswatervoorziening. De aangevraagde bouwvergunning had daarom geweigerd moeten worden.

200906764/1/H1 - 19 mei 2010 - BM4950 - ABRvS

Bij besluit van 15 januari 2008 hebben burgemeester en wethouders van Breda bouwvergunning tweede fase verleend voor het bouwen van autoshowrooms met werkplaatsen.

Gemeentelijke verordening in relatie tot bouwregelgeving

Het blijkt nog steeds onduidelijk te zijn welke bevoegdheid een gemeente heeft om voorschriften te maken in het kader van het Bouwbesluit 2003 en het Gebruiksbesluit. In dit artikel is te lezen waarom dergelijke voorschriften al snel van rechtswege vervallen zullen zijn.

Onterechte aanschrijving niet in gebruik nemen verbouwde woning

Op 23 december 2009 deed de Afdeling bestuursrechtspraak uitspraak in een geschil tussen college van burgemeester en wethouders van de gemeente Blaricum en inwoners van die gemeente (vergunninghouders). Burgemeester en wethouders hadden aangeschreven een woning niet in gebruik te nemen voordat de woning bij hen gereed is gemeld en de bouwwerkzaamheden door hen akkoord zijn bevonden. Dit onder oplegging van een dwangsom van € 7.500 per constatering per dag, met een maximum van € 90.000.