Dossier Bouwregels - categorie Ruimtelijke Ordening

Ruimtelijke ordening is het proces waarbij met een groot aantal spelregels de ruimte planmatig wordt benut en ingericht. Daarbij wordt rekening gehouden met individuele en gemeenschappelijke belangen. Onderwerpen die hierbij onder andere aan de orde komen zijn: gebiedsontwikkeling, bestemmingsplannen, vastgoed en woningcorporaties.

De Wet ruimtelijke ordening  bevat een stelsel van verantwoordelijkheden en bevoegdheden met betrekking tot de ruimtelijke ordening. Voor de uitvoering van een concreet project is een omgevingsvergunning van de Wabo nodig. Het uitvoeringsinstrumentarium is per 1 oktober 2010 van de Wro naar de Wabo verhuisd.

 Ga direct naar de Wro

 Ga direct naar de jurisprudentie

Ambtelijke toetsing aan redelijke eisen van welstand

In veel gemeenten worden kleine bouwplannen nog steeds door ambtenaren getoetst aan redelijke eisen van welstand. Sinds 1 oktober 2010, toen met de komst van de Wabo de categorie licht-vergunningplichtige bouwwerken werd afgeschaft, is ambtelijke welstandstoetsing echter formeel niet meer toegestaan. Dit artikel besteedt aandacht aan de manier waarop gemeenten toch een ambtelijke welstandstoetsing vorm kunnen geven, en doet een suggestie voor een wetswijziging die deze werkwijze een meer solide basis geeft.

Bouwkundige voorzieningen maken een opstal tot woning

Op 25 mei 2011 deed de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State uitspraak in een geschil dat betrekking had op een besluit van burgemeester en wethouders van Soest. Hierbij werd onder aanzegging van bestuursdwang gelast een in een opstal aangebrachte verdiepingsvloer en een trap te verwijderen, convectorputten dicht te maken en de vloer ter plaatse van de riool- en waterleiding dicht te storten. Tevens werd preventief aangeschreven om ook in de toekomst deze bouwkundige voorzieningen niet weer aan te brengen. Deze bouwkundige voorzieningen leiden tot een tweede woning. Het ter plaatse geldende bestemmingsplan staat slechts één woning toe.

Verbouw van een autobedrijf tot studentenkamers

Op 6 oktober 2010 deed de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State uitspraak in een geschil. Dit geschil had betrekking op een besluit van burgemeester en wethouders van Groningen, waarbij vrijstelling op grond van artikel 19, eerste lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening en bouwvergunning werden verleend voor het veranderen van enkele panden ten behoeve van kamerverhuur. Het bouwplan voorzag in het veranderen van de uitbouw aan de achterzijde van de panden tot veertien kamers ten behoeve van verhuur. In elk van de kamers is een keuken en een toiletruimte voorzien. Verder voorziet het bouwplan in twee gemeenschappelijke doucheruimtes en een gemeenschappelijke ruimte met een wasmachine en droogmachine.

Bestaande woning of geen woning?

Op 21 april 2010 deed de Afdeling bestuursrechtspraak uitspraak in een geschil betreffende een door burgemeester en wethouders van de gemeente Apeldoorn verleende lichte bouwvergunning voor het vergroten van een woning. Het bouwplan voorziet in het zijdelings en naar achteren uitbreiden van het bestaande gebouw, waarvan de verdieping in gebruik is als woning en de begane grond als stallingsruimte.

Tijdelijke bouwvergunning voor en na 1 juli 2008

Op 17 maart 2010 deed de Afdeling bestuursrechtspraak uitspraak in een geschil tussen burgemeester en wethouders van de gemeente Zeist en de Stichting BewonersPlatform Brugakker (de stichting) en een aantal inwoners van die gemeente. Burgemeester en wethouders hadden op 13 juli 2009 aan de gemeente Zeist ontheffing op grond van artikel 3.22 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en bouwvergunning verleend voor het plaatsen van een tijdelijk gebouw ten behoeve van een ontmoetingsplek voor jongeren.

Bedrijfsprocessen en noodzaak van een bedrijfswoning

Op 13 januari 2010 deed de Afdeling bestuursrechtspraak uitspraak in een geschil tussen het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zuidhorn en een ondernemer uit die gemeente. B en W hadden de door de ondernemer gevraagde bouwvergunning voor de bouw van een bedrijfswoning geweigerd. Het bouwplan was in strijd met het bestemmingsplan dat ter plaatse geen bedrijfswoning toestaat. Van dat verbod kunnen B en W volgens de planvoorschriften vrijstelling verlenen mits de bedrijfswoning noodzakelijk is voor het bedrijf wegens toezicht, bewaking en controle en de bedrijfswoning de bedrijven in het plangebied niet beperkt in de vestigingsmogelijkheden. Aan deze voorwaarden werd volgens B en W niet voldaan. Zij weigerden daarom vrijstelling te verlenen.

Van rechtswege bouwvergunning en aanschrijving

Geschil over een reclamebord waarvoor op 3 juni 2005 een bouwaanvraag is ingediend, die op 3 april 2007 is geweigerd.

Samen met bouwers de regeldruk te lijf

In hun dagelijkse bedrijfsvoering hebben ondernemers in de bouw te maken met tal van wetten, regels en vergunningen. Regels en wetten garanderen veiligheid en kwaliteit en gaan oneerlijke concurrentie tegen. Maar bouwers mogen niet gebukt gaan onder onnodige of onduidelijke regels. Zeker niet in deze moeilijke tijden.

Nieuw uitgangspunt inbreng tegenadvies betreffende welstand

Op 6 mei 2009 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak uitspraak gedaan in een geschil tussen burgemeester en wethouders van de gemeente Aa en Hunze en omwonenden van een bouwplan. Hiervoor was een bouwvergunning en vrijstelling verleend. Het bouwplan voorziet in het vergroten van een woning ten behoeve van de psychologiepraktijk van vergunninghouder, het toevoegen en vergroten van een slaapkamer en het plaatsen van een dakkapel. Het bouwplan leidt ertoe dat de afstand van de woning tot de zijdelingse perceelsgrens drie meter bedraagt. Verder voorziet het bouwplan in het realiseren van een carport op het perceel. De carport is aan één zijde aangebouwd aan de uitbreiding van de woning. De andere zijden zijn open. Tussen het dak van de carport en de bestaande erfafscheiding, die aan de achterzijde van de carport staat, is enige ruimte aanwezig.

Woonvoorzieningen in een werkplaats

Op 11 februari 2009 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak uitspraak gedaan in een geschil tussen burgemeester en wethouders van de gemeente Tilburg tegen de eigenaar van een tot woning omgebouwde werkplaats. Burgemeester en wethouders van Tilburg hadden aangeschreven om voor 2 september 2007 de bewoning van de werkplaats te staken en de woonvoorzieningen daaruit te verwijderen. Dit onder oplegging van een dwangsom van € 1.000,- per week dat de overtreding voortduurt met een maximum van € 10.000,-. De bewoning was in strijd met het bestemmingsplan. De woonvoorzieningen waren aangebracht zonder de daarvoor vereiste bouwvergunning.