Dossier Bouwregels - categorie Ruimtelijke Ordening

Ruimtelijke ordening is het proces waarbij met een groot aantal spelregels de ruimte planmatig wordt benut en ingericht. Daarbij wordt rekening gehouden met individuele en gemeenschappelijke belangen. Onderwerpen die hierbij onder andere aan de orde komen zijn: gebiedsontwikkeling, bestemmingsplannen, vastgoed en woningcorporaties.

De Wet ruimtelijke ordening  bevat een stelsel van verantwoordelijkheden en bevoegdheden met betrekking tot de ruimtelijke ordening. Voor de uitvoering van een concreet project is een omgevingsvergunning van de Wabo nodig. Het uitvoeringsinstrumentarium is per 1 oktober 2010 van de Wro naar de Wabo verhuisd.

 Ga direct naar de Wro

 Ga direct naar de jurisprudentie

Besluitvorming infrastructuur in hogere versnelling

Besluiten over infrastructuur kunnen in de toekomst sneller worden genomen. De gemiddelde doorlooptijd van projecten zal naar verwachting worden gehalveerd. De Eerste Kamer heeft vandaag ingestemd met de gewijzigde Tracéwet waarin dit wordt geregeld. Omwonenden en andere betrokkenen krijgen al in het begin uitgebreid de gelegenheid mee te denken over de beste oplossing voor een knelpunt. ‘Ik ben blij dat de nieuwe wet nu binnenkort – naar verwachting met ingang van 1 januari 2012 - in werking kan treden. De besluitvorming wordt hiermee niet alleen sneller, maar ook kwalitatief beter’, aldus minister Schultz van Haegen (Infrastructuur en Milieu).

Crisis- en herstelwet nog steeds te weinig toegepast

De Crisis- en herstelwet is sinds de inwerkingtreding op 31 maart 2010 al enige tijd van kracht. Voor verschillende partijen biedt de wet mogelijkheden om tot versnelde uitvoering van bouw- en infrastructurele projecten te komen. Er bestaan helaas nog misverstanden bij gemeenten en ontwikkelaars over het toepassingsbereik van de Crisis- en herstelwet. Vaak wordt gedacht dat de wet alleen op grote projecten van toepassing is. Zo worden de voordelen die de Crisis- en herstelwet te bieden heeft aan de gemeente of de ontwikkelaar die zich met de meer gebruikelijke projecten bezighoudt, over het hoofd gezien.

Duurzame ontwikkeling en omgevingsvergunning

Energieneutrale wijken worden gebouwd, duurzaam renoveren is een belangrijk item, evenals gezonde woonomgeving, frisse scholen, groene bedrijfsterreinen en burgerparticipatie. Duurzaam (her)ontwikkelen is een proces, een continue zoektocht naar integraal samenhangende duurzame oplossingen. Dit proces vereist een intensieve(re) samenwerking tussen verschillende beleidsterreinen, overheden en marktpartijen. Goede afstemming is eveneens noodzakelijk bij de behandeling van een aanvraag omgevingsvergunning, die per 1 oktober 2010 van kracht wordt. Op dit punt zijn parallellen te trekken met de aanpak van duurzaam ontwikkelen.

Exploitatiebijdragen bij de omgevingsvergunning

Omgevingsvergunning en exploitatieplan, deel 2 Nu gemeentelijke afdelingen te maken krijgen met de uitvoering van exploitatieplannen roept dat een aantal vragen op. In Bouwregels in de praktijk nr. 5 2010 verscheen het eerste artikel over de toetsing van bouwaanvragen aan het exploitatieplan. Dit tweede artikel gaat over enkele zaken rond betaling en afrekening van exploitatiebijdragen.[1] Aangezien de invalshoek voor betaling van exploitatiebijdragen de omgevingsvergunning is, wordt deze materie vanuit die invalshoek behandeld. Daarmee is in deze bijdrage gekozen voor het perspectief van de gemeentelijke afdelingen vergunningen, die te maken hebben met toetsing van de bouwaanvraag en verlening van de omgevingsvergunning (hierna gemakshalve: de vergunning). Qua terminologie is uitgegaan van de inwerkingtreding van de Wabo en de Invoeringswet Wabo.[2]

Crisis- en herstelwet: de crisis voorbij?

De inmiddels demissionaire ministerraad heeft besloten om met de Crisis- en herstelwet de volgende stap te zetten in het bestrijden van de gevolgen van de economische crisis. In de nacht van 17 maart stemde de Eerste Kamer uiteindelijk in met deze wet. De Crisis- en herstelwet is gericht op de versnelling van ruimtelijke projecten, zoals woningbouw, bedrijventerreinen en infrastructuur, en projecten op het gebied van duurzaamheid, energie en innovatie. Immers, juist deze projecten geven een stimulans aan de economie en dragen bij aan werkgelegenheid en duurzaamheid.

Wro beter afgestemd op bouwvergunning

Op 1 juli 2007 is de nieuwe Wet ruimtelijke ordening (Wro) van kracht geworden. De nieuwe Wro heeft het afgelopen jaar tot een aantal vragen geleidt over met name de samenloop van de bouwvergunning en een ontheffing van het bestemmingsplan en over de stedenbouwkundige voorschriften. Bij beide aspecten was sprake van fouten in de invoeringswet met onbedoelde gevolgen. In dit artikel worden de betreffende punten toegelicht naar aanleiding van de ‘reparatie’ van de genoemde punt.

Lichthinder in de gebouwde omgeving

Nederland is één van de meest lichtvervuilde gebieden ter wereld. Kunstmatige verlichting is een onlosmakelijk bijeffect van de verstedelijking en de 24-uurs-economie. Door een verlichtingsinstallatie kunnen ongewenste visuele neveneffecten ontstaan bij andere personen dan die waarvoor de installatie bestemd is. Voorbeelden hiervan zijn sportverlichting, terreinverlichting, reclameverlichting, de aanstraling van gebouwen, wegverlichting en kasverlichting, die bij omwonenden en weggebruikers hinder opleveren. Lichthinder is echter voor een aantal situaties in duidelijke richtlijnen gevangen en toetsbaar.

Welstand Transparant

Het project WelstandTransparant van de Federatie Welstand heeft als doel om de inhoud van de gemeentelijke welstandsnota’s eenduidig en digitaal beschikbaar te stellen via internet. Hierdoor wordt de inzichtelijkheid en dus de transparantie van het beleid bevorderd. De informatie wordt, net als bij bestemmingsplannen, opgeslagen op basis van geografische kenmerken. Hierdoor is het mogelijk om via een digitale kaart, maar ook via een zoekopdracht op adres, de juiste informatie snel te tonen. Een bijkomend voordeel is dat hiermee ook koppelingen gelegd kunnen worden met verschillende andere informatiebronnen.

Bouwen aan de Ecologische Hoofdstructuur

In 1990 introduceerde het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) de Ecologische Hoofdstructuur (EHS). De Nederlandse EHS is een samenhangend netwerk van 728.500 ha bestaande en nog te ontwikkelen nieuwe natuurgebieden, die ook aansluiten op natuurgebieden in ons omringende landen. Doel is instandhouding en ontwikkeling van deze natuurgebieden ter vergroting en versterking van de biodiversiteit. Natura 2000-gebieden zijn ook onderdeel van de EHS. Provincies zijn belast met de uitvoering. De EHS moet in 2018 gereed zijn.

Relatie tussen Bouwbesluit 2003 en bestemmingsplan

Het bestemmingsplan en het Bouwbesluit 2003 zijn beide instrumenten die van belang zijn voor het bouwen. Dat blijkt nu al uit de weigeringsgronden voor de bouwvergunning en dat wordt niet an-ders na de invoering van de omgevingsvergunning. Hoewel beide instrumenten zich op verschillen-de toepassingsniveaus afspelen, zijn er – hoe kan het ook anders – toch de nodige relaties tussen beide instrumenten. Deze relaties worden in dit artikel nader belicht.