Spoedeisend optreden bij gevaar voor gezondheid of veiligheid

Op 13 juli 2011 deed de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State uitspraak in een geschil dat betrekking had op een besluit van burgemeester en wethouders van Leidschendam-Voorburg. Hierbij is de uitgevoerde bestuursdwang, inhoudende het verwijderen van (brandbare) materialen en papier uit de woning en het afsluiten en verzegelen van de woning, op schrift gesteld en aan de bewoner van de woning bekendgemaakt.

Hoe groot mag een bijbehorend bouwwerk zijn?

Ik wil een bijbehorend bouwwerk bouwen. Hoe groot mag dat maximaal zijn? Dit is een vraag die met grote regelmaat bij de Helpdesk Bouwregelgeving binnenkomt. Bij de vraag zijn in de meeste gevallen diverse randvoorwaarden gegeven waarbinnen de vraag beantwoord moet worden. Er is bijvoorbeeld al een met vergunning gebouwde schuur aanwezig. Of er is eerder al een vergunningvrije overkapping gebouwd. Gevraagd wordt dan welke mogelijkheden de artikelen 2 en 3 van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht nog bieden om vergunningvrij te bouwen. In deze helpdeskvraag van de maand leggen wij uit hoe de maximale bebouwingsmogelijkheden bepaald kunnen worden.

Frisse en zuinige school met milieubewuste kinderen

Op 19 oktober 2011 heeft Prins Carlos de Bourbon de Parme de officiële heropening verricht van basisschool ‘De Eschmarke’ in Enschede. Deze school is verbouwd en als eerste in Nederland voorzien van een nieuw systeem voor vraaggestuurde verwarming en ventilatie, gebaseerd op het 4Green Schoolconcept. Dit concept combineert een frisse school met energiebesparing en milieubewustwording bij kinderen, leerkrachten en ouders. Het is ontwikkeld door 4Green in samenwerking met JAGA Konvektco Nederland.

Samenwerking: van ik naar wij

Een buzzword in de bouwsector waar het op dit moment piept en kraakt als gevolg van teruglopende volumes en marges is ‘Ketensamenwerking’. Je kunt je afvragen hoe dit zich verhoudt tot die andere modekreten: ‘Het Nieuwe Werken’ en het voor de BriP-lezer welbekende ‘Nieuwe Bouwbesluit 2012’.

Bouwkundige voorzieningen maken een opstal tot woning

Op 25 mei 2011 deed de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State uitspraak in een geschil dat betrekking had op een besluit van burgemeester en wethouders van Soest. Hierbij werd onder aanzegging van bestuursdwang gelast een in een opstal aangebrachte verdiepingsvloer en een trap te verwijderen, convectorputten dicht te maken en de vloer ter plaatse van de riool- en waterleiding dicht te storten. Tevens werd preventief aangeschreven om ook in de toekomst deze bouwkundige voorzieningen niet weer aan te brengen. Deze bouwkundige voorzieningen leiden tot een tweede woning. Het ter plaatse geldende bestemmingsplan staat slechts één woning toe.

Verzekeringsrecht: beredderingskosten

In Bouwregels in de praktijk nr. 12, december 2009, ben ik ingegaan op de regeling omtrent beredderingskosten in het verzekeringsrecht. Sindsdien zijn enkele belangwekkende uitspraken op dit terrein gedaan. De meest in het oog springende hiervan zal ik in dit artikel bespreken.

Vuurbelasting van opgeslagen goederen

De vuurbelasting van een gebouw is gelijk aan de hoeveelheid warmte die vrijkomt per eenheid van vloeroppervlakte bij verbranding van alle in het (beschouwde gedeelte van het) bouwwerk aanwezige brandbare materialen. Daarbij gaat het om het materiaal van de constructie-onderdelen waaruit het gebouw bestaat, maar ook om het materiaal van inventaris en opgeslagen goederen. De norm waarmee de vuurbelasting moet worden bepaald, NEN 6090:2006, maakt onderscheid in permanente vuurbelasting en variabele vuurbelasting. De (totale) vuurbelasting van een gebouw is gelijk aan de som van de permanente en de variabele vuurbelasting.

Huishoudelijke opslag zuurstof

De toegestane hoeveelheid zuurstof als huishoudelijke opslag.

Bouwbesluitperceel

Consequentie van de verkoop van een strook grond die in aanmerking is genomen om te voldoen aan Bouwbesluit 2003.

Belang van comfort niet onderkend in regelgeving

Comfort geeft de kwaliteit van beleving aan. Zo wordt de beleving van een gebouw gevormd door de ervaring die mensen onder invloed van esthetische kwaliteit en fysiologische aspecten in een dergelijk gebouw hebben. Bij oude gebouwen is het te verwachten dat deze gehorig, slecht geventileerd of juist tochtig en donker kunnen zijn. Men ervaart dit vaak als de charme van het gebouw. Bij een nieuw gebouw worden dergelijke eigenschappen niet geaccepteerd. Een slecht visueel, thermisch, hygrisch of akoestisch comfort leidt tot ongemak, klachten en een slecht imago van het gebouw. Het verwachtingspatroon ten aanzien van het comfort in oude en nieuwe gebouwen is totaal verschillend.