Slopen in Bouwbesluit 2012

Per 1 april treedt Bouwbesluit 2012 in werking. Met de inwerkingtreding van het nieuwe Bouwbesluit worden de voorschriften voor slopen van de bouwverordening overgenomen in het Bouwbesluit. Tegelijk wordt de vergunningplicht vervangen door een meldingplicht. Bij de Helpdesk Bouwregelgeving en brandveilig gebruik komen hierover veel vragen binnen. In deze bijdrage zijn de meest voorkomende vragen beantwoord.

Stand van zaken Bouwbesluit 2012

Bouwbesluit 2012 is in september 2011 gepubliceerd in het Staatsblad onder nummer Stb. 2011, 416. Bouwbesluit 2012 bevat voorschriften met betrekking tot bouwen, gebruiken en slopen van bouwwerken. Tegelijk met Bouwbesluit 2012 treedt het veegbesluit in werking. Hierin staan de laatste aanpassingen in de gepubliceerde tekst van het Bouwbesluit. Dit besluit is eind december 2011 gepubliceerd in het Staatsblad (Stb. 2011, 676). Deze twee besluiten samen vormen Bouwbesluit 2012 en zullen op 1 april 2012 in werking treden.

Stand van zaken Bouwbesluit 2012 (2)

Op 27 september 2011 is het Bouwbesluit 2012 gepubliceerd in het Staatsblad onder nummer Stb. 2011, 416. Dit besluit bevat voorschriften met betrekking tot bouwen, gebruiken en slopen van bouwwerken. De procedure rond het Bouwbesluit ligt op schema om op 1 januari 2012 in werking te laten treden.

Nieuwe Bouwbesluit: meer aandacht voor ‘duurzaamheid’

Duurzaamheid is al lang één van de hoofdpijlers van de bouwvoorschriften in Nederland. Ter bevordering van gezondheid, comfort en energiebesparing bijvoorbeeld, gelden er inmiddels al meer dan vijftig jaar eisen voor de warmteweerstand van uitwendige scheidingsconstructies. Steeds meer mensen zijn er inmiddels van overtuigd geraakt, dat wij extra aandacht moeten besteden aan de duurzaamheid van onze maatschappij. In hoeverre draagt het nieuwe Bouwbesluit 2012 bij aan duurzaam bouwen?

Stand van zaken Bouwbesluit 2012

Het nieuwe Bouwbesluit ligt op schema voor inwerkingtreding op 1 januari 2012. Op 30 juni 2011 heeft de Tweede Kamer in een Algemeen Overleg met de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties hierover uitgebreid van gedachten gewisseld. De Kamerleden hadden zoveel vragen dat de tijd ontbrak om ze in het overleg allemaal te beantwoorden en een deel van de vragen schriftelijk moest worden beantwoord.