Dossier Bouwregels - categorie Bouwprojectmanagement

Bouwprojecten zijn per definitie uniek: in hun aard, samenstelling en complexiteit. Beheersing van de risico’s moet worden gerealiseerd middels heldere afspraken over de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van alle betrokkenen.

Bouwprojectmanagement is bij uitstek geschikt om de opdrachtgever duidelijkheid, en inzicht te bieden, maar ook een belangrijk middel om het bouwproces goed te beheersen, wat leidt tot lagere faalkosten en hogere kwaliteit.

Onderdeel van goed bouwprojectmanagement is het vroegtijdig anticiperen op van toepassing zijnde bouwregelgeving.

Ga direct naar de relevante artikelen

Ga direct naar het laatste nieuws

Aansprakelijkheidsregime en De Nieuwe Regeling (DNR) 2011

Op 30 augustus 2011 is de Nieuwe Regeling (DNR) 2011 verschenen. Deze regeling betreft een herziening van de DNR 2005. Alhoewel er geen sprake is van een ingrijpende herziening, hebben vooral ten aanzien van de aansprakelijkheid van de adviseur enkele opvallende wijzigingen plaatsgevonden. Daarnaast zijn in de regeling duidelijkere formuleringen opgenomen, zijn enkele bepalingen verplaatst en is een betere aansluiting op het Burgerlijk Wetboek doorgevoerd. In dit artikel zal op de voornaamste wijzigingen en het daardoor geldende aansprakelijkheidsregime worden ingegaan.

Dynamiek terug in de bouwsector

‘Er is te weinig aandacht voor de bestaande voorraad. We vinden het veel leuker om aan de voorkant met lintjes knippen bezig te zijn’, opende prof. ir. Hans de Jonge op 18 mei het symposium ‘De dynamiek terug in de bouwsector’, ter gelegenheid van de pensionering van dr. ir. Caspar van den Thillart, sr. beleidsadviseur voor het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Centrale boodschap op dit druk bezochte symposium: de sector zal zijn aandacht moeten verplaatsen van uitbreiding naar vervanging.

Minder faalkosten door projectpartnering

Om faalkosten terug te dringen en wederzijds vertrouwen tussen opdrachtgever en uitvoerende partijen te bevorderen, is er in de bouw een tendens te bespeuren dat de human factor steeds meer op de voorgrond treedt. In deze bijdrage wordt een aantal actuele trends, waaronder VISI en projectpartnering besproken.

Nieuwe Europese Verordening bouwproducten gepubliceerd

De Europese verordening bouwproducten is op 4 april 2011 gepubliceerd in het publicatieblad van de Europese Unie1). Deze verordening is de opvolger van de richtlijn bouwproducten. De artikelen over de aanwijzing en de eisen aan Europese keuringsinstellingen en technische beoordelingsinstanties treden onmiddellijk in werking (op de twintigste dag na publicatie). De overige artikelen treden pas in werking na een voorbereidingsperiode van ruim twee jaar.

Innovatieve contracten en communicatie

Inmiddels zijn de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor het geïntegreerde contract (de zogenaamde UAV-gc, versie 2005) binnen het bouwcontractenrecht niet meer weg te denken. Anders dan binnen de UAV 1989, krijgt de opdrachtnemer binnen dit bouworganisatiemodel een wezenlijk andere rol toebedeeld. De uitvoerende partij is verantwoordelijk voor het uitwerken van het programma van eisen. Daarnaast wordt verwacht dat zij in staat is een complete projectorganisatie aan te sturen van ontwerpdisciplines, onderaannemers (hulppersonen) en toeleveranciers.

Systeemgerichte contractbeheersing: juridische verkenning

‘De markt tenzij…’ propageert met name Rijkswaterstaat als het gaat om het uitvoeren van werkzaamheden. Zelf bestekken schrijven is er niet meer bij. Zowel voor wat betreft het ontwerp als de uitvoering wil Rijkswaterstaat de expertise van de markt benutten. De kwaliteit van het werk moet echter wel geborgd zijn. Er wordt daarom gewerkt met systeemgerichte contractbeheersing. Hiermee dient de markt zelf te laten zien dat zij het proces beheerst en daarmee de kwaliteit van haar werk gegarandeerd is.

Voorgeschreven bouwstoffen

Het voorschrijven van bouwstoffen is binnen het aanbestedingsrecht een gevoelig onderwerp. De wetgeving op dit gebied en ook het RAW 2005 verbiedt feitelijk het met naam en toenaam noemen van een bepaald fabrikaat. Het uitgangspunt moet zijn dat bouwstoffen functioneel worden omschreven. Alleen wanneer dit echt onmogelijk is en anders een werk onmaakbaar zou zijn, mag een fabrikaatnaam worden gebruikt, mits daarbij tevens wordt vermeld ‘of gelijkwaardig’.

Vertrouwen

Het is opvallend zo vaak als ik de laatste tijd het woord ‘vertrouwen’ lees of hoor in relatie tot ons vakgebied. In het rapport van de Commissie Fundamentele Verkenning Bouw wordt de sturingsfilosofie, die onder de slogan ‘Privaat wat kan, publiek wat moet’ wordt gehanteerd, gebaseerd op de centrale begrippen vertrouwen en verantwoordelijkheid van de private en de publieke sector. Helaas bevat het rapport op dit punt alleen een paar stellingen, die de sturingsfilosofie nader uitwerken, maar deze niet onderbouwen: ‘De overheid moet vertrouwen hebben in de kwaliteit die de bouwpraktijk kan en wil leveren. Daar staat tegenover, dat de bouwpraktijk dat vertrouwen moet waarmaken en dus daadwerkelijk de verantwoordelijkheid hiervoor neemt.’ Vertrouwen op bestelling?

Afwijken van de UAV 1989

In dit artikel wordt stilgestaan bij de vraag hoe en op welke wijze een bestekschrijver mag afwijken van de UAV 1989.

Architectenvoorwaarden: CR 2006

Architecten- en ingenieursbureaus zullen inmiddels wel vertrouwd zijn met De Nieuwe Regeling 2005. Als afgeleide van de DNR 2005 is vorig jaar de CR 2006 verschenen. De ‘Consumentenregeling 2006 rechtsverhouding consument-architect’. Een aantal punten uit deze regeling bespreken we in dit artikel.