Hoe groot mag een bijbehorend bouwwerk zijn?

Ik wil een bijbehorend bouwwerk bouwen. Hoe groot mag dat maximaal zijn? Dit is een vraag die met grote regelmaat bij de Helpdesk Bouwregelgeving binnenkomt. Bij de vraag zijn in de meeste gevallen diverse randvoorwaarden gegeven waarbinnen de vraag beantwoord moet worden. Er is bijvoorbeeld al een met vergunning gebouwde schuur aanwezig. Of er is eerder al een vergunningvrije overkapping gebouwd. Gevraagd wordt dan welke mogelijkheden de artikelen 2 en 3 van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht nog bieden om vergunningvrij te bouwen. In deze helpdeskvraag van de maand leggen wij uit hoe de maximale bebouwingsmogelijkheden bepaald kunnen worden.

CE-markering bouwproducten: wanneer verplicht en vrijwillig?

De Europese verordening bouwproducten, de opvolger van de richtlijn bouwproducten, is in juli 2013 volledig van kracht. Met de komst van deze verordening zijn er vragen gerezen bij de bouwpartijen over de verplichting van de CE-markering op bouwproducten. Hoe is dat straks geregeld?

CE-markeringen in de praktijk

Sinds 1998 kennen we in Europa de CE-markering voor bouwproducten. De grondslag hiervoor is de in december 1998 aangenomen Richtlijn Bouwproducten (Construction Products Directive, CPD). Na zo’n twaalf jaar werken met de richtlijn zijn er al veel producten die aan de Richtlijn moeten voldoen en dus met een CE-markering worden geleverd. Hoewel de CE-markering niet meer is weg te denken, blijkt in de praktijk dat er nog steeds vragen zijn over het aanbrengen van de CE-markering. Aan de hand van een houten kozijn wordt hier uitgelegd hoe de CE-markering in zijn werk gaat. Ook wordt kort stilgestaan bij de overgang van de Richtlijn Bouwproducten naar de Europese Verordening Bouwproducten.

Gevolgen aanscherping Rc-waarde voor energie- en kostenbesparing

Op 1 november jongstleden is er in de Tweede Kamer een motie aangenomen waarin is opgenomen dat in het (toekomstige) Bouwbesluit 2012 de minimale isolatiewaarde Rc = 5,0 m2K/W gaat gelden voor nieuwbouwwoningen. Dit is een verdubbeling van de huidige Rc = 2,5 m2K/W, maar ook fors hoger dan de door minister Donner voorgestelde waarde van Rc = 3,5 m2K/W. De Tweede Kamer beoogt een duurzame, energiebesparende maatregel met lage levensduurkosten verplicht te stellen. Maar hoe efficiënt is deze maatregel eigenlijk ten opzichte van andere maatregelen aan de gebouwschil? Hoe zit het met de terugverdientijd? En, hoe zeker is het dat de beoogde energiebesparing ook daadwerkelijk wordt bereikt?

Frisse en zuinige school met milieubewuste kinderen

Op 19 oktober 2011 heeft Prins Carlos de Bourbon de Parme de officiële heropening verricht van basisschool ‘De Eschmarke’ in Enschede. Deze school is verbouwd en als eerste in Nederland voorzien van een nieuw systeem voor vraaggestuurde verwarming en ventilatie, gebaseerd op het 4Green Schoolconcept. Dit concept combineert een frisse school met energiebesparing en milieubewustwording bij kinderen, leerkrachten en ouders. Het is ontwikkeld door 4Green in samenwerking met JAGA Konvektco Nederland.

Samenwerking: van ik naar wij

Een buzzword in de bouwsector waar het op dit moment piept en kraakt als gevolg van teruglopende volumes en marges is ‘Ketensamenwerking’. Je kunt je afvragen hoe dit zich verhoudt tot die andere modekreten: ‘Het Nieuwe Werken’ en het voor de BriP-lezer welbekende ‘Nieuwe Bouwbesluit 2012’.

Vuurbelasting van opgeslagen goederen

De vuurbelasting van een gebouw is gelijk aan de hoeveelheid warmte die vrijkomt per eenheid van vloeroppervlakte bij verbranding van alle in het (beschouwde gedeelte van het) bouwwerk aanwezige brandbare materialen. Daarbij gaat het om het materiaal van de constructie-onderdelen waaruit het gebouw bestaat, maar ook om het materiaal van inventaris en opgeslagen goederen. De norm waarmee de vuurbelasting moet worden bepaald, NEN 6090:2006, maakt onderscheid in permanente vuurbelasting en variabele vuurbelasting. De (totale) vuurbelasting van een gebouw is gelijk aan de som van de permanente en de variabele vuurbelasting.

Belang van comfort niet onderkend in regelgeving

Comfort geeft de kwaliteit van beleving aan. Zo wordt de beleving van een gebouw gevormd door de ervaring die mensen onder invloed van esthetische kwaliteit en fysiologische aspecten in een dergelijk gebouw hebben. Bij oude gebouwen is het te verwachten dat deze gehorig, slecht geventileerd of juist tochtig en donker kunnen zijn. Men ervaart dit vaak als de charme van het gebouw. Bij een nieuw gebouw worden dergelijke eigenschappen niet geaccepteerd. Een slecht visueel, thermisch, hygrisch of akoestisch comfort leidt tot ongemak, klachten en een slecht imago van het gebouw. Het verwachtingspatroon ten aanzien van het comfort in oude en nieuwe gebouwen is totaal verschillend.

Afsluitbare buitenruimte

De verplichting tot het maken van een buitenruimte is opnieuw in Bouwbesluit 2012 opgenomen. In het verleden zijn de nodige buitenruimten afsluitbaar gemaakt, met toepassing van het toen geldende gelijkwaardigheidsvoorschrift. In dit artikel is nagegaan waaraan moet worden voldaan om een buitenruimte ook nu weer afsluitbaar te kunnen maken.

Dierenverblijven en brandcompartimentering

Op 27 april 2011 deed de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State uitspraak in een geschil. Dit geschil had betrekking op een besluit van burgemeester en wethouders van Boxmeer, waarbij voor het oprichten van een zeugen-/biggenstal bouwvergunning was verleend.