Dossier Bouwregels - categorie Ruimtelijke Ordening

Ruimtelijke ordening is het proces waarbij met een groot aantal spelregels de ruimte planmatig wordt benut en ingericht. Daarbij wordt rekening gehouden met individuele en gemeenschappelijke belangen. Onderwerpen die hierbij onder andere aan de orde komen zijn: gebiedsontwikkeling, bestemmingsplannen, vastgoed en woningcorporaties.

De Wet ruimtelijke ordening  bevat een stelsel van verantwoordelijkheden en bevoegdheden met betrekking tot de ruimtelijke ordening. Voor de uitvoering van een concreet project is een omgevingsvergunning van de Wabo nodig. Het uitvoeringsinstrumentarium is per 1 oktober 2010 van de Wro naar de Wabo verhuisd.

 Ga direct naar de Wro

 Ga direct naar de jurisprudentie

Woonwijk op het water

Het Nieuwe Water in de gemeente Westland is een unieke gebiedsontwikkeling waarbij wonen aan en op het water en recreëren op een ongekende manier worden gecombineerd. Op zo’n 80 hectare polderland in een voormalig glastuinbouwgebied verrijst tussen 2010 en 2019 de eerste woonwijk op het water. De wijk bestaat uit diverse appartementen, paalwoningen, terpwoningen, rijwoningen, twee-onder-een-kapwoningen, drijvende privé-eilandjes en vrije kavels.

Waterwoningen worstelen met Bouwbesluit

Op 14 juni 2007 is door ABC Arkenbouw uit Urk de eerste in Nederland volgens Bouwbesluit gebouwde waterwoning opgeleverd. Inmiddels neemt mede hierdoor de belangstelling voor drijvende woningen flink toe. Maar gemeenten kunnen nog steeds zelf kiezen om een drijvend object aan te merken als ‘ongeregelde’ woonboot, of als een ‘bouwwerk in de zin van de Woningwet’ dat daarmee moet voldoen aan het Bouwbesluit. ‘Meer duidelijkheid is gewenst, vooral bij vervanging van bestaande woonarken en waterwoningen’, zegt Willem Visser, technisch directeur ABC Arkenbouw.

Zonder welstand geen ruimtelijke kwaliteit

‘In de Rotterdamse Vinex-wijk Nesselande is het welstandsvrije deel Waterwijk een rommeltje geworden. Bewoners kijken vanuit hun droomhuis op een huis uit hun nachtmerrie’, zegt ir. Paul van der Grinten. Zijn visie is gelijk duidelijk: in Nederland kunnen we niet zonder welstand. ‘Maar we hoeven natuurlijk niet alles te willen regelen. Al het kleine leed kun je ook door een ambtenaar laten toetsen op basis van sneltoetscriteria. Leg de verantwoordelijkheid voor welstandtoetsing neer bij de juiste personen. En zorg voor een goede afstemming met het bestemmingsplan.’

Besluitvorming infrastructuur in hogere versnelling

Besluiten over infrastructuur kunnen in de toekomst sneller worden genomen. De gemiddelde doorlooptijd van projecten zal naar verwachting worden gehalveerd. De Eerste Kamer heeft vandaag ingestemd met de gewijzigde Tracéwet waarin dit wordt geregeld. Omwonenden en andere betrokkenen krijgen al in het begin uitgebreid de gelegenheid mee te denken over de beste oplossing voor een knelpunt. ‘Ik ben blij dat de nieuwe wet nu binnenkort – naar verwachting met ingang van 1 januari 2012 - in werking kan treden. De besluitvorming wordt hiermee niet alleen sneller, maar ook kwalitatief beter’, aldus minister Schultz van Haegen (Infrastructuur en Milieu).

Crisis- en herstelwet nog steeds te weinig toegepast

De Crisis- en herstelwet is sinds de inwerkingtreding op 31 maart 2010 al enige tijd van kracht. Voor verschillende partijen biedt de wet mogelijkheden om tot versnelde uitvoering van bouw- en infrastructurele projecten te komen. Er bestaan helaas nog misverstanden bij gemeenten en ontwikkelaars over het toepassingsbereik van de Crisis- en herstelwet. Vaak wordt gedacht dat de wet alleen op grote projecten van toepassing is. Zo worden de voordelen die de Crisis- en herstelwet te bieden heeft aan de gemeente of de ontwikkelaar die zich met de meer gebruikelijke projecten bezighoudt, over het hoofd gezien.