Tussen mythe en werkelijkheid van brandoverslag
- 30-11-2007
- Tijdschriftartikel
- Bouwregels
- Bouwbesluit
- Modelbouwverordening
- Brandveiligheid
- Bouwvergunningen
- Ontwerper
- Adviseur
- Plantoetser
- Voorontwerp
- Definitief ontwerp
- Bouwaanvraag
- Auteur(s):
- Ir W.F.M. van der Vliet
- Bron:
- Bouwregels in de praktijk
- Tijdschrifttitel:
- Bouwregels in de praktijk
- Jaargang:
- 2007
- Editie:
- 11
- Volgnummer:
- 3
De titel van dit artikel is enigszins provocerend. Een groot aantal artikelen
in het Bouwbesluit lijkt op het eerste gezicht een toonbeeld te zijn van
exactheid: er wordt een prestatie-eis genoemd en een bepalingsmethode. Deze
bepalingsmethode is verwoord in een NEN-norm. Een aantal van deze normen is in
de loop der jaren alsmaar dikker en uitgebreider geworden. Dit leidt ertoe dat
een norm soms alleen nog maar kan worden toegepast door gebruik te maken van een
computer omdat de beschreven rekenmethode te complex is om nog met de hand uit
te voeren. Voorbeelden hiervan zijn het berekenen van de
Energieprestatiecoëfficiënt volgens NEN 2916 en NEN 5128, het berekenen van de
temperatuurfactor volgens NEN 2778 en het berekenen van de warmtestralingsflux
volgens NEN 6068. Bij een nadere beschouwing van deze in het Bouwbesluit
aangewezen normen is er soms iets merkwaardigs aan de hand. Zo worden er
uitgangspunten gehanteerd die niet kunnen worden uitgelegd maar als een soort
dogma worden gebruikt.
Gehele artikel lezen? Neem dan een abonnement. Een maand lang toegang tot alle dossiers voor 50 euro? Neem dan een proefabonnement.








