Dossier Bouwregels - categorie Model-bouwverordening

Gemeenten zijn op grond van artikel 8 van de Woningwet verplicht een bouwverordening te hebben. Deze baseren zij op de Model-bouwverordening die de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft opgesteld.

De voorschriften in de Model-bouwverordening hebben betrekking op het gebruik van bouwwerken, het tegengaan van bouwen op verontreinigde grond, het slopen, het uitvoeren van bouw- en sloopwerkzaamheden en de welstandscommissie.

Na de landelijke uniformering van technische bouwvoorschriften, voorschriften inzake indiening van vergunningaanvragen en van voorschriften over het brandveilig gebruik, zijn de resterende technische en procedurele voorschriften van de bouwverordening in de komende jaren aan de beurt om landelijk geregeld te worden.

 Ga direct naar de Model-bouwverordening

 Ga direct naar de jurisprudentie

 

Atelier waarin mensen twee uur of meer verblijven is een bouwwerk als bedoeld in artikel 2.4.1, eerste lid, Bvo.

Bouwverbod wegens bodemverontreiniging (artikel 2.4.1. gemeentelijke bouwverordening) ziet op bouwwerken waarbij dagelijks mensen gedurende enige tijd van de (werk-)dag verblijven. Een atelier waar sprake is van een verblijfsduur van 2 uur per (werk)dag of meer is zo een bouwwerk.

Wijziging bouwplan van ondergeschikte aard ondanks verplaatsing bouwwerk op kortere afstand tot woningen omwonenden.

Het bouwplan heeft wat betreft uiterlijke verschijningsvorm en in bouwkundig en technisch opzicht geen wijzigingen ondergaan. De vakwerkmast is dicht bij oorspronkelijke plaats voorzien en op kortere afstand van woningen van omwonenden. De afstand van de woningen tot de vakwerkmast bedraagt nog steeds 67 en 77 m. Onder deze omstandigheden, en in aanmerking genomen de aard en omvang van het bouwplan in relatie tot de omgeving, is de wijziging van ondergeschikte aard. Geen uniforme openbare voorbereidingsprocedure.

Belanghebbende bij projectbesluit.

Appellanten zijn geen belanghebbende bij bouwvergunning voor de bouw van gemeentehuis en zijn dat evenmin bij daarop betrekking hebbende gedeelte van projectbesluit.

Belang opvolgend eigenaar bij intrekking bouwvergunning (met terugwerkende kracht).

De intrekking van bouwvergunningen heeft terugwerkende kracht, zodat verwijdering van de bouwwerken kan worden gelast. Niet valt in te zien waarom de opvolgend eigenaar, die ter plaatse een stoeterij exploiteert, daarbij geen belang heeft. Daarbij is van belang dat het verboden is een illegaal opgericht bouwwerk in stand te laten.

Door buiten behandeling laten van nieuwe aanvraag is geen sprake van situatie als bedoeld in artikel 6:18/6:19.

Na instandlaten rechtsgevolgen vernietigde besluit tot weigering bouwvergunning wordt nieuwe bouwaanvraag, waarbij dakrand van een appartementencomplex is verhoogd, niet in het geding betrokken. Nieuwe aanvraag is immers buiten behandeling gelaten.

Woonschip. Is sprake van een bouwwerk?

Een woonschip, dat door middel van een tros en loopplank met kade is verbonden en is aangesloten op nutsvoorziening en op riool, is geen bouwwerk.

Coniferenhaag op afstand van ca. 1,5 m van achterkant van en woning levert geen hinder op in de zin van artikel 5.1.1 van de Modelbouwverordening omdat die hinder objectief moet worden bepaald.

Het enkele feit dat door plaatsing van coniferenhaag sprake is van hinder in de vorm van verminderde lichtinval, biedt geen grond voor het oordeel dat reeds daarom sprake is van hinder in de zin van artikel 5.1.1 van de (model)bouwverordening.

Boothuis terecht aangemerkt als bouwwerk [Wonw]

Bij besluit van 14 oktober 2008 hebben B&W van Nederlek appellant onder het opleggen van een dwangsom gelast het blauwgroene boothuis gelegen in de Bakkerskil aan de steiger te Krimpen aan de Lek te verwijderen.

Veranderingen van niet-ingrijpende aard

Als aanzicht en bouwkundige staat van gebouw wordt gewijzigd en ook een verandering in straatbeeld plaatsvindt, is geen sprake meer van een verandering van niet-ingrijpende aard.

201001048/1/H1 - 15 september 2010 - BN6981 - ABRvS

Bij besluit van 21 november 2006 hebben B&W van West Maas en Waal een verzoek om handhavend optreden tegen de overlast die wordt veroorzaakt door het stoken van een houtkachel afgewezen.