Dossier Bouwregels - categorie Milieu

Wie bouwt, krijgt niet zelden ook met milieuregelgeving te maken. Zéker sinds per 1 oktober 2010 de Wabo van kracht is. De Wabo regelt de omgevingsvergunning, één geïntegreerde vergunning voor bouwen, wonen, monumenten, ruimte, natuur en milieu.

De Wet milieubeheer is de belangrijkste milieuwet, hierin is bepaald hoe overheden het milieu kunnen beschermen. Zo is bijvoorbeeld bij grote bouwplannen, die grote gevolgen kunnen hebben voor het milieu, een milieu-effectrapportage (MER) verplicht. Ook is per 1 januari 2008 het Activiteitenbesluit in werking getreden, met daarin regels om het milieu te beschermen.

Deze categorie gaat verder ook over energiezuinigheid, duurzaamheid en luchtkwaliteit.

 Ga direct naar relevante wetgeving

 Ga direct naar de jurisprudentie 

 

 

Duurzaamste zwembad van Nederland

Van Wijnen Sittard bouwt in Maastricht momenteel het Geusseltbad, het duurzaamste zwembad van Nederland. Het zwembad wordt CO2-neutraal en all-electric. Bovendien is het Cradle-to-Cradle principe zoveel mogelijk toegepast.

Groene daken niet verplicht in Groningen

Het college van B&W gaat groene daken niet verplicht stellen. Landelijke wet- en regelgeving in het Bouwbesluit staat dat niet toe. Ook zijn regels en voorschriften volgens het college niet de juiste middelen om meer groene daken in Stad te krijgen. Dat schrijft het college aan GroenLinks, die om zo’n verplichting vraagt.

Groene vastgoedondernemers regelen fiscaal voordeel met GPR-Gebouw

De overheid verklaart GPR Gebouw vanaf 1 januari 2012 van toepassing voor het aanvragen van de Regeling milieu-investeringsaftrek (MIA) en de Regeling willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil). Het breed gewaardeerde instrument is daarmee nog interessanter voor ondernemers die investeren in duurzame utilitaire gebouwen.

Kabinet vult lijst Crisis- en herstelwetprojecten aan

Meer bouwprojecten kunnen profiteren van de Crisis- en herstelwet. De ministerraad heeft Waterfront Harderwijk, Centrumplan Eerbeek/Brummen, Spoorzone Tilburg, oostelijk Centrumgebied Arnhem en vliegbasis Soest aangewezen als ‘ontwikkelingsgebieden’. Dit stelt bestuurders in staat tijdelijk van milieunormen af te wijken.

Atsma zet in op duurzaam stortbeheer

Staatssecretaris Atsma (Infrastructuur en Milieu) gaat zich samen met provincies en de stortbranche inzetten voor duurzaam stortbeheer. Het voornemen is om eind 2012 een greendeal Duurzaam Stortbeheer af te sluiten. Het doel is om het emissiepotentieel van stortplaatsen te verlagen en de gevolgen van het storten voor toekomstige generaties te verminderen. Dit schrijft de staatssecretaris vandaag in reactie op het rapport ‘De toekomst van de stortsector: op weg naar 2030’ aan de Tweede Kamer.

Europa denkt aan waterlabel

Na het energielabel komt er misschien ook een verplicht waterlabel voor gebouwen dat de waterprestaties inzichtelijk moet maken.

Atsma: toezicht risicovolle bedrijven door gespecialiseerde diensten

Vergunningverlening aan en toezicht op risicovolle bedrijven moeten duidelijk worden gescheiden en de handhaving moet beter. Om de vereiste professionaliteit te waarborgen komen er circa vijf gespecialiseerde uitvoeringsdiensten voor risicovolle bedrijven (BRZO). Dat schrijft staatssecretaris Atsma (Infrastructuur en Milieu) vandaag in een brief aan de Tweede Kamer. Deze keuze is in lijn met het voorstel van de provincies, gemeenten en VNO-NCW.

Grondbewerkers klem door uitstel stortverbod

De grondbewerkingsbranche slaat alarm vanwege het vertraagde verbod op de stort van verontreinigde grond. De grondreinigers vrezen voor het voortbestaan van hun bedrijven.

Ingenieurs willen Eiffeltoren laten bloeien

De Eiffeltoren kan worden omgetoverd in een grote stellage vol planten. Een ingenieursbureau wil de 327 meter hoge constructie in Parijs vol hangen met 600.000 planten. Een systeem met rubberen slangen moet de planten water geven.

Nederland onder voorwaarden voor 40% minder CO2 in 2030

Het kabinet wil inzetten op een voorwaardelijke Europese doelstelling van 40% minder broeikasgassen in 2030 (ten opzichte van 1990). De uiteindelijke hoogte is afhankelijk van een adequate mondiale inzet en ook de concurrentiepositie van Europese bedrijven moet voldoende gewaarborgd blijven.