Dossier Bouwregels - categorie Wabo

Voor het (ver)bouwen of gebruiken van een bouwwerk, kreeg men voorheen met verschillende vergunningen en voorschriften voor wonen, ruimte en milieu te maken, elk met hun eigen vergunningen, procedures, ambtelijke loketten, afhandelingtermijnen, leges en toezichthouders.

Op 1 oktober 2010 is de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) in werking getreden. Onder de Wabo zijn 25 bouw-, milieu-, natuur- en monumentenvergunningen samengevoegd tot één omgevingsvergunning. Hierdoor is het mogelijk om in één keer een integrale vergunningprocedure te doorlopen, dat wil zeggen één vergunning, via één procedure, met één set indieningsvereisten, gevolgd door één rechtsbeschermingsprocedure en handhaving door één instantie.

Diverse onderwerpen in de Wabo worden slechts op hoofdlijnen in die wet geregeld. Voor de concrete uitwerking wordt vaak doorverwezen naar het Besluit omgevingsrecht (Bor) (Stb. 2010, 143) en de ministeriële Regeling omgevingsrecht (Mor) (Stcrt. 2010, 5162). In het Bor en de Mor is zoveel mogelijk gebruik gemaakt van bestaande uitwerkingsregelingen.

Ga direct naar de Wabo

Ga direct naar Handboek Wabo

 

Uitvoering adviezen Commissie Dekker

Op 15 december 2011 heeft minister Donner van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) de brief ‘Vernieuwing bouwregelgeving 1)’ aan de Tweede Kamer gestuurd. De brief schetst de wijze waarop BZK uitvoering geeft aan de adviezen van de Commissie Dekker. Tevens geeft een brief een doorkijkje naar de verdere ontwikkeling van de bouwregelgeving. De leidraad hierbij is eigen verantwoordelijkheid, vertrouwen en het verminderen van overheidsbemoeienis bij bouwprojecten. 1) http://www.rijksoverheid.nl/documenten-en-publicaties/kamerstukken/2011/12/16/kamerbrief-vernieuwing-bouwregelgeving.html.

Hoe groot mag een bijbehorend bouwwerk zijn?

Ik wil een bijbehorend bouwwerk bouwen. Hoe groot mag dat maximaal zijn? Dit is een vraag die met grote regelmaat bij de Helpdesk Bouwregelgeving binnenkomt. Bij de vraag zijn in de meeste gevallen diverse randvoorwaarden gegeven waarbinnen de vraag beantwoord moet worden. Er is bijvoorbeeld al een met vergunning gebouwde schuur aanwezig. Of er is eerder al een vergunningvrije overkapping gebouwd. Gevraagd wordt dan welke mogelijkheden de artikelen 2 en 3 van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht nog bieden om vergunningvrij te bouwen. In deze helpdeskvraag van de maand leggen wij uit hoe de maximale bebouwingsmogelijkheden bepaald kunnen worden.

Crisis- en herstelwet nog steeds te weinig toegepast

De Crisis- en herstelwet is sinds de inwerkingtreding op 31 maart 2010 al enige tijd van kracht. Voor verschillende partijen biedt de wet mogelijkheden om tot versnelde uitvoering van bouw- en infrastructurele projecten te komen. Er bestaan helaas nog misverstanden bij gemeenten en ontwikkelaars over het toepassingsbereik van de Crisis- en herstelwet. Vaak wordt gedacht dat de wet alleen op grote projecten van toepassing is. Zo worden de voordelen die de Crisis- en herstelwet te bieden heeft aan de gemeente of de ontwikkelaar die zich met de meer gebruikelijke projecten bezighoudt, over het hoofd gezien.

Waar komen bouwregels in de praktijk vandaan?

Domme vraag natuurlijk voor een redactielid van dit maandblad… Ik bedoel echter niet dit blad met die naam, maar de bouwregels zelf. Vooral sinds in 1992 het Bouwbesluit een eind maakte aan de wildgroei aan plaatselijke bouwregels in gemeentelijke bouwverordeningen kennen we landelijke regelgeving: Woningwet, Bouwbesluit, daardoor ‘aangestuurde’ normbladen, praktijkrichtlijnen, diverse handreikingen…Een boekenkast vol. En die bouwregels komen in de praktijk vooral uit ‘Den Haag’.

Bouwen volgens artikel 3 bijlage II Bor

Zoals al enige malen naar voren is gekomen in voorgaande artikelen van de helpdesk, is vergunningvrij bouwen er tegenwoordig in twee varianten. Bij de eerste op grond van artikel 2 van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht (Bor) zijn bouwwerken vergunningvrij voor zowel de activiteit ‘bouwen’ als de activiteit ‘afwijken van het planologisch kader’. De bouwwerken die in artikel 3 genoemd worden zijn alleen vergunningvrij voor de activiteit ‘bouwen’. Met name over de relatie van laatstgenoemde categorie vergunningvrije bouwwerken en het planologisch kader komen bij de helpdesk nog regelmatig vragen binnen. In dit artikel wordt eerst ter verduidelijking ingegaan op het onderscheid tussen beide ‘varianten’ van vergunningvrij bouwen.

Private partijen nemen te weinig verantwoordelijkheid

Op 1 oktober 2010 trad dan eindelijk de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) in werking. Volgens de overheid een belangrijke stap om de regeldruk voor bedrijven en burgers te verminderen. Maar liefst 25 bouw-, milieu-, natuur- en monumentenvergunningen zijn samengevoegd tot één omgevingsvergunning. Voor burgers en bedrijven moet het aanvragen van vergunningen daardoor een stuk eenvoudiger zijn geworden. Kan de vlag uit, of is de praktijk weerbarstiger dan gedacht? Bouwregels in de praktijk nodigde samen met Adviesburo Nieman enkele marktpartijen uit om de eerste praktijkervaringen te peilen.

Bouwen of veranderen van bijbehorende bouwwerken

Sinds de inwerkingtreding van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) op 1 oktober 2010 zijn er nieuwe regels met betrekking tot het vergunningvrij bouwen. Deze regels zijn te vinden in bijlage II van het Besluit omgevingsrecht (Bor). Eén van de belangrijke wijzigingen is de introductie van de nieuwe categorie ‘bijbehorende bouwwerken’. Onder deze nieuwe categorie vallen alle aanbouwen, uitbouwen, bijgebouwen, overkappingen, et cetera. De afgelopen maanden zijn er verschillende vragen gesteld over deze nieuwe categorie.

Duurzame ontwikkeling en omgevingsvergunning

Energieneutrale wijken worden gebouwd, duurzaam renoveren is een belangrijk item, evenals gezonde woonomgeving, frisse scholen, groene bedrijfsterreinen en burgerparticipatie. Duurzaam (her)ontwikkelen is een proces, een continue zoektocht naar integraal samenhangende duurzame oplossingen. Dit proces vereist een intensieve(re) samenwerking tussen verschillende beleidsterreinen, overheden en marktpartijen. Goede afstemming is eveneens noodzakelijk bij de behandeling van een aanvraag omgevingsvergunning, die per 1 oktober 2010 van kracht wordt. Op dit punt zijn parallellen te trekken met de aanpak van duurzaam ontwikkelen.

Afrekenen met de toekomst

DEZE KEER GAAT MIJN COLUMN NIET INHOUDELIJK OVER DE BOUWREGELGEVING. DE VAL VAN HET KABINET BALKENENDE IV VEROORZAAKT VEEL POLITIEK GEDOE. BELANGRIJKE NIEUWE WETTEN VERKEREN IN AFRONDEND STADIUM EN DREIGEN NU LANGDURIG TE WORDEN VERTRAAGD OF HELEMAAL NIET DOOR TE GAAN. DAAROM BEPERK IK ME NU (MEDIO MAART) TOT HET KIJKEN NAAR ONTWIKKELINGEN EN HET VERKENNEN VAN MOGELIJKHEDEN. IK LOOP DE KANS DAT BIJ PUBLICATIE VAN DE COLUMN MIJN INFORMATIE DEELS VEROUDERD IS. DAT ZIJ DAN ZO. DAT IS HET RISICO VAN EEN COLUMNIST.

Samen met bouwers de regeldruk te lijf

In hun dagelijkse bedrijfsvoering hebben ondernemers in de bouw te maken met tal van wetten, regels en vergunningen. Regels en wetten garanderen veiligheid en kwaliteit en gaan oneerlijke concurrentie tegen. Maar bouwers mogen niet gebukt gaan onder onnodige of onduidelijke regels. Zeker niet in deze moeilijke tijden.